Pieter Bremmer over zijn rol binnen de Gemeente Rotterdam en het belang van een vrije rol in het verkennen van mogelijkheden voor circulariteit.
Paul Sahni (gemeente Rotterdam) over de vrije rol naar aanleiding van een vraag over omgekeerd gebruik van de vacuumzuigsysteem van de stratenlegmachine als pakketteer machine (onderwerp binnen het onderzoek van Jos Klarenbeek). Het voordeel van leek zijn is dat je naast domme vragen ook vragen stelt die de expert met andere ogen naar zijn praktijk laat kijken.
Paul Sahni stelt dat er in een grote organisatie als gemeentewerken winst te behalen valt door de knopen die ver van elkaar af liggen in keten met elkaar te verbinden. De keten is lang. Het proces van de integrale werkwijze, die van gevel tot gevel gaat, is een lange lijn waarin op allerlei niveau’s en met verschillende prioriteiten een werk van beleid tot realisatie komt. In ons onderzoek voelen wij die vrije speelruimte waarin we als generalisten en als geïnteresseerde leken onbenutte verbanden kunnen observeren. Juist door tussen de verschillende disciplines en afdelingen heen te bewegen ontstaat er een veld van mogelijke verbanden die tot stand gebracht kunnen worden. De stagiair Piet Bremmer heeft op een vergelijkbare wijze gewerkt. Hij heeft zijn kennis opgebouwd door met alle actoren op deze organisatie lijn te spreken en de betrokken locaties te bezoeken en daarmee de proceslijn van de integrale werkwijze helder in kaart gebracht. Nu werkt hij als adviseur bij de gemeente.
(Gesprek met Paul Sahni, per telefoon op 14 juni 2018)
Theorie en praktijk liggen vaak ver uit elkaar. Registeren in computersystemen suggereert een feilloos systeem er zitten echter blinde vlekken en dode hoeken in. Maar vooral ook losse eindjes die vanuit een vrijgespeelde positie kansrijk te verbinden zijn. Nu wordt deze rol voornamelijk vervuld door stagaires. Gelet op de wens om een circulaire stad te worden is de tijd rijp om er een specifiek beroep van te maken; een vrije speler die over de grenzen tussen de verschillende afdelingen van de grote organisatie kan bewegen. Die de lijn van beleid maken, plannen, uitwerken, voorbereiden naar uitvoeren beschouwt als een netwerk en die dat netwerk plaatst in de context buiten dat netwerk. De lijnen naar buiten als het ware kan exploreren. De gemeente kan als stedelijke beheerder zelf meer circulair worden maar bevindt zich ook in een veld van andere netwerken die van belang zijn. Zeker met de complexe vraagstukken waar de huidige stad mee geconfronteerd wordt. Naast circulaire stad staat ook de inclusieve stad, de klimaatbestendige stad en de zelfredzame stad op de agenda.